Alles over het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) en het Schone Lucht Akkoord (SLA)

Met het Regeerakkoord "Vertrouwen in de toekomst" van oktober 2017 is het volgende afgesproken:

"De Rijksoverheid blijft onder andere verantwoordelijk voor het realiseren van Europese doelstellingen op het terrein van lucht en water. Het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit eindigt met de inwerkingtreding van de Omgevingswet en zal worden vervangen door een nationaal actieplan luchtkwaliteit dat zich richt op een permanente verbetering van de luchtkwaliteit."

 In een brief aan de Tweede Kamer d.d. 25 april 2018 schrijft de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat o.a:

"De Gezondheidsraad stelt dat er geen ‘veilig niveau’ van luchtverontreiniging is. Daarom zet ik mij in voor een permanente verbetering van de luchtkwaliteit om zo te komen tot een vermindering van gezondheidsrisico’s als gevolg van luchtverontreiniging, waarbij het kabinet toewerkt naar de streefwaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie. Dit wil ik bereiken voor zoveel mogelijk mensen, waaronder hen die behoren tot risicogroepen. In het Regeerakkoord is neergelegd dat er een Nationaal Actieplan Luchtkwaliteit komt. Dit is niet een opgave die alleen landelijk opgelost kan worden. Ervaringen in de afgelopen jaren hebben laten zien dat samenwerking tussen alle lagen en internationaal nodig is om te komen tot verbetering van de luchtkwaliteit. Vanwege het sterk op samenwerking gerichte karakter en de goede samenwerking in het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) ben ik voornemens hiermee verder te gaan onder de naam ‘Schone Lucht Akkoord’, waarin gezondheid centraal staat. Het advies van de Gezondheidsraad is daarvoor de basis.

In dit op te stellen Schone Lucht Akkoord zal de focus liggen op de door de Gezondheidsraad aanbevolen stoffen als de kleinere fractie van fijnstof (PM2,5), stikstofdioxide, ozon en ammoniak. Dit zijn ook stoffen waarover Europese afspraken zijn gemaakt. Naast aandacht voor de aanpak van lokale bronnen zal de inzet meer gericht zijn op het generiek verbeteren van de luchtkwaliteit om zo gezondheidswinst in den brede te boeken. Dit betekent open staan voor nieuwe perspectieven, waarbij naar een breed spectrum aan maatregelen gekeken wordt, kortom een andersoortige opgave dan tot op heden.
Ondertussen werk ik in het huidige NSL aan het op de kortst mogelijke termijn opheffen van de laatste overschrijdingen van de Europese grenswaarden voor NO2 en PM10. Het concept-kabinetsbesluit “Aanpassing NSL 2018” volgt momenteel de zienswijzeprocedure, waarover u op 26 maart 2018 door mij bent geïnformeerd.
 
Omdat de lucht niet bij lands- of gemeentegrenzen stopt, is er op Europees vlak intensief contact tussen de lidstaten over het verbeteren van de luchtkwaliteit en worden afspraken vastgelegd. Daarbij staat gezondheid nog niet altijd centraal. Dit is wel mijn intentie en hiervoor zal ik dan ook pleiten in Europees verband. De Europese Commissie voert nu een fitness check uit van de Europese richtlijn Luchtkwaliteit, die eind 2019 afgerond zou moeten zijn. Deze zal inzicht geven in de toekomstbestendigheid van het huidige instrumentarium. Ik zal de Europese Commissie oproepen om het belang van gezondheid te betrekken in deze fitness check. Daarnaast wil ik met onze buurlanden in gesprek over maatregelen die de luchtkwaliteit over en weer kunnen verbeteren.

Maar ook lokaal is er veel mogelijk. Ik ben voornemens om het Schone Lucht Akkoord in te richten als een agenda waarin ook andere partijen in ons land een bijdrage kunnen leveren. Het akkoord wordt daarom samen met de verschillende stakeholders en decentrale overheden uitgewerkt. Ik vind het belangrijk om breed in de samenleving op te halen wat er leeft.

De afgelopen tijd heb ik vertegenwoordigers van decentrale overheden en belangengroepen gesproken over verbetering van de luchtkwaliteit en hun eigen inzet daarvoor. Ik heb gemerkt dat er veel ideeën en soms al vergevorderde plannen zijn om te komen tot verbetering van de luchtkwaliteit en daarmee de gezondheid van inwoners. Voorbeelden zijn het stimuleren van schonere brandstoffen en het streven naar emissiearme of zelfs emissievrije binnensteden op termijn. Het Schone Lucht Akkoord zal een samenwerking zijn tussen Rijk, provincies, gemeenten, bedrijfsleven en maatschappelijke partijen. Juist omdat schone lucht een gedeeld belang is voor iedereen betreft het ook een gedeelde verantwoordelijkheid die niet vrijblijvend kan zijn. Samen met de partijen ga ik de mogelijkheden verkennen om gemaakte afspraken vast te leggen, bijvoorbeeld in een bestuursakkoord en/of convenant."